In tegenstelling tot andere huisdieren, hebben bijen geen dagelijks nazicht nodig. Hoe vaak je dan wel moet gaan inspecteren is een subjectief gegeven en hangt af van een aantal factoren. In het artikel hieronder vind je er een aantal terug.

Laten we beginnen met de imker op zich. Als je pas begint met imkeren, is het belangrijk dat je kennis en ervaring opdoet in het lezen van de raten, het werken met de beitel, met de beroker en met de bijen. Daarom is het belangrijk dat je in het begin het broednest meer gaat nakijken dan dat een ervaren imker dat zal doen.
Ons drukke moderne leven kan het uitdagend maken om tijd te vinden om de kasten na te kijken. Toch zal je die tijd moeten vinden op de juiste momenten. En om de juiste momenten te bepalen, zal je je kasten goed moeten bekijken, ook al is het maar dat je de vliegplank in het oog houdt en eens een blik onder de dekplank gooit om de situatie in te schatten.
Bij het inspecteren van een kast is het maar zelden nodig om het broednest uit elkaar te halen. Dit zullen we typisch wel doen in het begin van de winter om ons te verzekeren dat er een gezonde koningin aanwezig is en er geen zichtbare ziekten aanwezig zijn. Na die inspectie ‘in de diepte’, zullen we het broednest enkel nog moeten inspecteren als er tekenen van problemen zijn (vb wanneer je maar weinig werksters ziet, of als je geen gesloten broed ziet als je tussen de ramen in naar beneden kijkt).
Een ervaren imker kan een inspectie uitvoeren op een paar minuten tijd. (check activiteit aan de ingang, snel kijken onder de dekplank om te zien dat er genoeg bijen zijn, dat raten opgebouwd worden en gevuld worden met honing, dat er gesloten broed is).
Toch geven we hier een aantal richtlijnen mee :
- Bij goede dracht : controleer elke 7 tot 10 dagen (zodat je steeds genoeg ruimte kan voorzien in het nest om zwermen te vermijden en in het zwermseizoen ook de zwermdoppen op tijd kan zien).
o Geef extra plaats vooraleer de bijen alle beschikbare raat hebben gevuld
- Bij een slechte dracht : controleer elke 14-21 dagen
o Om ziekten, voedselproblemen etc te kunnen spotten
- Inspecteer best als het warmer is dan 15° en het niet regent
o Moet je toch inspecteren bij slechte condities
 Korte inspecties, doe sluier goed dicht, gebruik veel rook
o Als het vriest kan je ook inspecteren
 Ga dan wel de cluster niet breken en zorg dat de bijen niet nat worden
 Werk dan snel, maar voorzichtig, zonder schokken
- In de winter ga je in de regel het aantal inspecties tot het absolute minimum beperken.
- Heb je een zwakke kast, controleer dan meer frequent
- Laat je de bijen zelf een nieuwe koningin aanmaken, controleer dan pas na een maand
Checking In. How often is enough? Ross Conrad, Bee culture mei 2018, pag 85-86

Sorry, this website uses features that your browser doesnвЂt support. Upgrade to a newer version of Firefox, Chrome, Safari, or Edge and youвЂll be all set.