Als mensen denken aan bijen, denken ze doorgaans aan de bijensteek en aan honing. Maar wat doen we met die honing?

Om bijen aan te lokken voor hun bestuiving, scheiden vele planten een zoete vloeistof af: nectar. De bijen verzamelen deze nectar om het volk te voeden. Vermits er in onze contreien weinig tot geen planten nectar afscheiden in de winterperiode en de bijen bijkomend niet altijd de mogelijkheid hebben de nectar te gaan verzamelen (hun spieren verstijven als het kouder is dan 10 °C en als het hard regent is vliegen ook lastig), hebben de bijen bedacht dat ze alle overtollige verzamelde nectar tijdelijk kunnen opslaan in cellen. Ze ontdekten ook dat als ze het vochtpercentage van deze nectar kunnen reduceren tot een waarde onder de 20%, de hierdoor ontstane honing lang bewaard kan worden. De honingvoorraad in het nest dient dus om het volk te kunnen voeden in die periodes dat uitvliegen onmogelijk is en/of er geen of weinig nectar voorhanden is in de directe omgeving van het nest. Het is dus als het ware hun nood- en wintervoorraad.

Honing is een van de oudste zoetmakers die de mens kent. De oude Romeinen betaalden belastingen in honing, net als de Azteken van Midden-Amerika.

De overheersende suikers in honing zijn fructose en glucose. Dit zijn eenvoudige suikers die gemakkelijk door het lichaam worden opgenomen. Men leest soms dat honing daardoor beter zou zijn voor diabetici dan andere suikers. Laat het echter wel wezen: honing is en blijft een verzameling van suikers, dus gebruik door diabetici kunnen we enkel aanraden onder toezicht van een arts.

Hoewel honing al vele jaren met succes wordt gebruikt in de voeding van kinderen, raadt de honingindustrie nu aan om het niet te geven aan baby's jonger dan één jaar. Slechts zeer weinigen in deze leeftijdsgroep zijn vatbaar voor infantiel botulisme, maar om de kans op deze aandoening zoveel mogelijk te reduceren, wordt ongekookt of onbewerkt voedsel zoals verse producten en honing nu niet aanbevolen in hun dieet. Dit is trouwens een vermelding die je verplicht op het etiket van je honingpotten moet opnemen.

Honing wordt vaak geassocieerd met volkse remedies tegen menige kwaal. In sommige gevallen is deze reputatie terecht, in andere gevallen is ze twijfelachtig. Zo weten we dat honing actief water aantrekt waardoor de groei en voortplanting van bacteriën en schimmels wordt vertraagd. Honing is met succes gebruikt als wondverband vanwege zijn bacteriedodende eigenschappen. In het Verenigd Koninkrijk wordt honing, en dan meer specifiek Manuka honing, gebruikt bij de behandeling van brandwonden. De vochtaantrekkende eigenschap van honing trekt de etter en daarmee ook een hoop vuil uit de brandwonde en het sluit het geblesseerde gebied af voor luchtstromen, waardoor pijn en mogelijke infectie worden verminderd.

Het feit dat het nuttigen van lokale honing zou helpen tegen hooikoorts, wordt door de wetenschap evenwel in twijfel getrokken. Hooikoortspatiënten hebben immers last van de pollen die in de lucht aanwezig zijn (van de windbestuivers) en dit zijn geen aantrekkelijke pollen voor de bijen. De kans dat je ze terug vindt in je honing is dan ook klein.

Honing kan onbeperkt worden bewaard zonder koeling. Alleen indien hij verdund is met water, zullen gisten en andere micro-organismen de honing aantasten. Honing bewaar je daarom best zo goed mogelijk luchtdicht verpakt op een droge plaats.

Sommige soorten honing zijn meer vatbaar voor kristallisatie of "versuikering" dan andere. De optimale kristallisatietemperatuur blijkt voor de meeste honingsoorten te liggen rond de 13,9°C. Het wordt daarom aanbevolen om honing te bewaren bij ongeveer 10,0 °C om alzo de kristallisatie te vertragen. Indien je pot honing toch gekristalliseerd is, zal deze een ander smaakpallet hebben, maar hij is daardoor niet bedorven. ‘Au bain-marie’ kan je de honing makkelijk opnieuw vloeibaar maken. Als je de honing gaat opwarmen in de microgolfoven, zal je merken dat deze ook terug vloeibaar wordt. Hierbij ga je echter wel de enzymen die in de honing zitten oververhitten, waardoor deze hun eigenschappen verliezen. Ook het toevoegen van honing in heet water heeft dit effect. Heb je graag honing in je thee, wacht dan best om deze toe te voegen totdat de temperatuur van het water ver genoeg gezakt is om deze vlot te kunnen drinken (zowat rond de 45 °C).

Hoewel honing gewoonlijk wordt gegeten zoals het in de markt wordt aangeboden of als broodbeleg wordt gebruikt, koken veel mensen er ook mee. Honing gaat echter gemakkelijk karameliseren en moet daarom in sommige recepten op relatief lage temperaturen worden toegevoegd. Er is altijd natuurlijke variatie tussen honingsoorten. Sommige soorten kunnen zoeter zijn dan een gelijk volume suiker of andere soorten honing. De overheersende smaak in sommige soorten honing kan de smaak van bepaalde gerechten aanzienlijk versterken. Experimenteren en constant proeven om minder goede smaken te vermijden is dan ook de regel bij het koken met honing. Maar het is vaak deze variëteit, verantwoordelijk voor het creëren van unieke gerechten, die koken met honing opwindend en lonend maakt.

Ten slotte kan honing worden gebruikt als basis voor alcoholische dranken. Honingwijn wordt mede genoemd en kan variëren van de droge tafelvariant over een zoet nagerecht tot een versterkt aperitief.

 

bron : "Honey and its uses" door Malcolm T Sanford (Universiteit van Florida)

Sorry, this website uses features that your browser doesnвЂt support. Upgrade to a newer version of Firefox, Chrome, Safari, or Edge and youвЂll be all set.